Copyright © KHSV Dobbertje Onder Sint Michielsgestel

  1. Wanneer gevist wordt met een gaaskorf of een andere korf met gaten en het voer gaat er snel uit, dan kun je of het voer wat natter maken of wat isolatie tape om de voerkorf wikkelen zodat er minder of geen open gaten meer in zitten.
  2. Wanneer je last hebt van harde stroming, zet dan de top van de hengel eens omhoog. Nu ligt er minder lijn in het water, dus minder stroomdruk op de lijn.
  3. Zorg bij een wedstrijd dat je altijd twee feederhengels hebt die op precies dezelfde afstand staan afgesteld.
    Wanneer er iets mankeert aan de hengel of lijn waar je mee aan het vissen bent, dan kun je meteen de andere hengel ingooien die op precies dezelfde afstand ligt dit scheelt weer tijd en die kun je wel eens nodig hebben.
  4. Koop bij voorkeur een molen met een lijnklip.
    Wanneer je dan op de goede afstand ingooit, kun je de lijn achter de klip haken zodat je daarna altijd op de goede afstand zit.
  5. Het is handig om wat losse strippen lood in de viskist te hebben liggen van bijv. 5, 10, 20, gram. Wanneer dan de korf iets te licht is, kun je er heel eenvoudig een strip bij klemmen.
  6. Wanneer de gaaskorf wegrolt, kun je hem wat plat knijpen, zodat hij beter blijft liggen.
  7. Als je een molen hebt zonder lijnklip, dan kun je een reep binnenband van een fiets om de spoel heen trekken wanneer de afstand goed is.
    Bij het binnen draaien spoelt de lijn over het rubber en bij het ingooien stopt de lijn bij het rubber.
  8. Koop een leefnet niet te fijnmazig.
    Hoe harder het stroomt, hoe meer hij weg zal drijven.
  9. Als je leefnet toch weg stroomt, pak dan een plastic tas, doe hier wat stenen in en bind hem vast aan de onderkant van het net. Prima verzwaring om het net tegen te houden.

 

9 tips t.a.v. Het gebruik van een feederhengel